Onaangeraakt

Ik zit op een steen in de schaduw met het zagende geluid van een cicade boven mij. Terwijl ik hier ben vraag ik me af hoeveel mensen eerder op deze steen zaten. In deze uitgestrektheid zonder stad of weg in de buurt. Er is alleen een zandpad, el camino Juseu-Calasanz, maar daar ben ik honderden meters vandaan. Struinend door de struiken kwam ik bij deze steen. Hoeveel mensen zouden vóór mij hier gelopen hebben? Misschien ben ik wel de eerste mens die precies hier zijn voetstappen zet? Niet onmogelijk tussen deze prikstruiken. Was hier eerder iemand bij deze steen? Misschien een truffelzoeker op zoek naar schaduw? Of een jager die even uitrustte nadat hij een dier volgde? Hoeveel gingen me voor, vraag ik me hier af? Waren het er drie, waren het er vijftig? Hooguit vijftig mensen in onze geschiedenis?

Het is misschien wel daarom dat ik hier graag ben. Ik meen dat het serener is. De zintuigen worden scherper. Het is alsof de lucht ijler is.. de atmosfeer zuiverder, de energie schoner. Het is nog onaangeraakt, dat is wat je voelt. Maagdelijk als verse sneeuw. Totaal anders dan bijvoorbeeld een stoep voor de ingang van een supermarkt. Waar sporen van allerlei voorbijgangers zich mengen maar ook blijven hangen. Er blijft meer achter dan het tastbare zoals papiertjes of kauwgom. Er blijft ook iets hangen in de lucht. Wát dat is weet ik niet. Maar het is precies dát wat hier níet is. Waar ik nu ben ervaar ik totale schoonheid en ik geniet van de helderheid. Het maakt blij. Alsof de helderheid zelf verheldert, de ruimte zelf opruimt.